Met jouw steun heeft het COC veel bereikt:

2012: Voorlichting over LHBT’s verplicht op elke school
12 maart 2019: verbod op discriminatie van trans en intersekse personen opgenomen in Awgb
2011: Jos Brink Staatsprijs voor LHBT-emancipatie voor vrijwilligers COC
Strafeis bij discriminerend geweld met 100 procent verhoogd
Canal Parade 2018: COC Nederland wint juryprijs voor beste uitbeelding Pride-thema met Powervrouwenboot
1994: Algemene Wet Gelijke Behandeling verbiedt discriminatie op grond van homoseksualiteit
30 december 1964: COC-voorzitter Benno Premsela als eerste homoactivist openlijk op televisie
30 augustus 2017: Tsjetsjeense LHBTI-asielzoekers krijgen eenvoudiger asiel in ons land
7 maart 2017: Politieke partijen tekenen COC’s Regenboog Stembusakkoord
2012; Geen LHBT-asielzoekers meer teruggestuurd naar Irak
COC ondersteunt LHBT-organisaties in meer dan 35 landen
8 april 1971: afschaffing van het discriminerende artikel 248bis in het Wetboek van Strafrecht
1 november 2014: afschaffing weigerambtenaar
2008: Speciale consultatieve status bij de Verenigde Naties voor COC Nederland
2013: ‘Een groot protest tegen de Russische wet’ - New York Times over COC-demonstratie tijdens bezoek president Poetin
2011: ’s Werelds eerste kerkelijke verklaring tegen geweld tegen homoseksuelen
2009: Paren van gelijk geslacht mogen buitenlands kind adopteren
7 september 2015: Russische LHBT-asielzoekers krijgen eenvoudiger asiel in ons land
1973: COC krijgt Koninklijke Goedkeuring - de vereniging kan zich als rechtspersoon laten inschrijven
Gender & Sexuality Alliances op tweederde van de middelbare scholen
1 juli 2015: afschaffing enkele-feitconstructie, waarmee scholen openlijk LHB-leerlingen en -docenten mochten weren
2008: Percentage Nederlanders dat negatief is over homo’s gedaald van 36 procent in 1968 naar vier procent in 2008
9 september 2019: mbo-scholen verplicht LHBTI-emancipatie te bevorderen
1 april 2014: Wet Lesbisch Ouderschap geeft lesbische ouderparen en hun kinderen gelijke rechten
2011: Eerste VN-resolutie tegen LHBT-mensenrechtenschendingen
Rainbow Awards 2015: LGBT Achievement Award voor COC Nederland
Ruim 100 ouderenzorginstellingen met een Roze Loper voor LHBT-vriendelijkheid
23 juli 2016: Toekenning Erepenning van de gemeente Amsterdam t.g.v. 70-jarig bestaan COC
2012: Politieke partijen tekenen COC’s Roze Stembusakkoord over langslepende LHBT-kwesties
Jaarlijks meer dan 2500 COC-voorlichtingslessen op school
1 juli 2014: Transgenderwet maakt wijzigen geslachtsregistratie veel eenvoudiger
Canal Parade 2015: Boot COC Nederland wint juryprijs voor beste boodschap
2015: alle 5 afspraken van Roze Stembusakkoord uit 2012 ingelost

KOM OOK IN ACTIE!

Jouw hulp is nodig. Steun ons nationale en internationale werk voor acceptatie en gelijke rechten.

Steun COC

Veling ziet ruimte voor CU-er met homorelatie

4 november 2007 -

Voormalig ChristenUnie-leider Kars Veling vindt een homorelatie geen reden waarom iemand de ChristenUnie niet zou kunnen vertegenwoordigen. Wat voor een politieke partij telt, is of een bestuurder ‘geloofwaardig’ kan functioneren.

Veling verwacht dat de discussie over homoseksuelen binnen de CU nog wel even zal aanhouden, ook al verklaarde de partijtop vrijdag eensgezind dat homo’s niet worden geweerd. ‘Dit punt is niet onschadelijk gemaakt’.

Veling vindt dat de discussie over de positie van (praktiserende) homoseksuelen in zijn partij zuiver moet worden gevoerd, zegt hij in gesprek met het Nederlands Dagblad .

Daarbij moet goed in de gaten worden gehouden waartoe een politieke partij dient. ‘Het is mijn persoonlijke mening dat een politieke partij niet moet treden in een onderdeel van iemands levensstijl. Daarom vind ik het feit dat een lesbisch iemand met een vriendin gaat samenwonen, geen reden om niet in een vertegenwoordigende rol te functioneren. Het moet gaan om de vraag of iemand als CU-bestuurder geloofwaardig is’.

‘Of je het nu hebt over de kerkelijke gemeente, het gezin, de school of de politiek, je moet je voortdurend realiseren in welke context je bezig bent’, licht Veling toe.

‘In een christelijke politieke partij vind ik essentieel dat je samen belijdt dat je Christus wilt volgen. Dat kan voor ieder van ons andere persoonlijke accenten hebben. Die zijn niet onbelangrijk, maar we moeten die niet al te zeer laten meespelen in een politieke context’.

Voor ChristenUnie-politici is vooral de vraag, of iemand zich ‘voldoende bewust is van zijn bestuurlijke verantwoordelijkheid’ en ‘geloofwaardig’ kan optreden, stelt Veling.

‘Zoiets hangt van veel dingen af. Ik kan me voorstellen dat het op zichzelf geen reden is om op te stappen als iemand lesbisch is en samenwoont en een bestuurlijke functie bij de CU heeft. Maar als je de ChristenUnie vertegenwoordigt en in de eerste boot van de Gay Parade meevaart, ja, dan kan je geloofwaardig functioneren in het geding zijn’.

Veling beaamt dat hij het ‘dus’ oneens is met zijn Amsterdamse partijgenote Yvette Lont, die wil dat de ChristenUnie uitspreekt dat praktiserende homo’s geen actieve rol in de partij kunnen spelen.

‘Het is niet zo dat ik dit geen lastige kwestie vind, of dat er geen ethische kanten zitten aan homoseksualiteit’, zegt Veling. ‘Daar zit niet het principiële verschil. Dat verschil zit in de manier waarop je als politieke partij omgaat met homoseksualiteit. Een politieke partij is gericht op het publieke en politieke belang; dat moeten bestuurders op het oog hebben’.

Veling – in 2002 de eerste landelijke lijsttrekker van de ChristenUnie – zegt juist dit aspect te missen bij Lont. Het Reformatorisch Dagblad tekende uit haar mond op: ‘Als ik in de deelraad de Bijbelse visie op homoseksualiteit niet uitdraag, wie moet het dan doen?’

Veling: ‘Daar zit het probleem ten voeten uit: dit is geen goede typering van het werk als ChristenUnie-politicus’.

Veling wil zich niet uitlaten over de vraag, in hoeverre de regeringsdeelname van de ChristenUnie, met politiek leider Rouvoet in het kabinet, de ‘homokwestie’ compliceert. PvdA en CDA zullen immers niet accepteren dat een coalitiepartner (praktiserende) homo’s weert uit partijfuncties.

‘Meedoen in een kabinet is precies waarvoor de ChristenUnie is ontworpen’, zegt Veling. ‘Het land moet geregeerd worden en wij willen daaraan een verantwoorde bijdrage leveren. Dit dwingt ons de vraag te stellen wie we willen zijn. Dan zeg ik: de politieke missie en het politieke karakter van de ChristenUnie moeten centraal staan’.

Uit deze opvatting over het toelaten van praktiserende homoseksuelen in vertegenwoordigende partijfuncties blijkt dat Kars Veling zich nu als partijlid zonder politieke functie vrijer kan uitspreken dan in 2001 toen hij de eerste lijsttrekker voor de ChristenUnie was.

In een interview in HP/De Tijd zei Veling toen namelijk: ‘Als een praktiserende homoseksueel lid zou willen worden van de ChristenUnie, zou ik vragen: waarom komt u bij ons? Dan hebben we een probleem. Maar we zijn in eerste instantie een politieke partij. Belangrijker is onze verwerping van het homohuwelijk’.

Zie voor meer informatie ons dossier ChristenUnie.

Categorie:
Jouw belangen
Tags:
,